BreadCrumb
Language picker
Size switch
A | A | A
 
 
 
Opinie
 

Integratie en resettlement: wake up call 


Vers van de pers
Het bericht dat de Belgische regering het licht op groen heeft gezet voor de resettlement van 50 Iraakse vluchtelingen die in Syrië verblijven, kreeg slechts beperkte aandacht in de kranten met als gevolg dat weinig Belgen wakker liggen van dit bericht. Het is nochtans revolutionair dat België na lang dralen zich nu eindelijk toch engageert om met resettlement of hervestiging van start te gaan. Het gaat weliswaar slechts om 50 personen maar voorzichtig begonnen is hopelijk goed uitgesponnen.

Resettlement : waarover gaat het?
Vrij vertaald uit het ‘Handboek Resettlement’ van de UNHCR, gaat resettlement om een internationale bescherming aan de vluchtelingen wiens leven, vrijheid, veiligheid, gezondheid en andere fundamentele rechten in gevaar zijn in het land waar ze naartoe gevlucht zijn. Hierbij wordt hen een duurzame oplossing aangereikt vanuit een interstatelijke uiting van internationale solidariteit en verantwoordelijkheid. In het geval van de vluchtelingen die in België terecht zullen kunnen, gaat het om Iraakse vrouwen met kinderen die gevlucht zijn naar Syrië en daar in een vluchtelingenkamp onder moeilijke omstandigheden verblijven.

Momenteel zijn er 11 resettlement landen die hier reeds expertise over hebben opgebouwd : Australië, Canada, Denemarken, Finland, Ierland, Nederland, Nieuw Zeeland, Noorwegen, Zweden, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten. Vluchtelingen worden via resettlement naar een derde land overgebracht om te ontsnappen aan de precaire omstandigheden waarin ze verkeerden. Het gaat om personen die bescherming nodig hebben, in gevaar zijn, medische problemen hebben, gehandicapt zijn of omwille van gezinshereniging.

Eigen aan resettlement is het feit dat dit om een procedure gaat die je goed kunt voorbereiden. Na de selectie worden de kandidaten in het vluchtelingenkamp reeds voorbereid op hun leven in het derde land waar ze naartoe kunnen. Dit gebeurt vaak in samenwerking met IOM (the International Organisation for Migration). De ontvangst door het gastland verschilt echter van land tot land. Zo worden vluchtelingen in het Verenigd Koninkrijk na een korte inleiding dadelijk verwelkomd in de woningen die voor hen werden voorzien waarbij ze ondersteund worden in het aanleren van taal, het dagelijks leven, het invullen van formulieren, het zoeken naar werk enz. In Nederland worden de vluchtelingen in eerste instantie opgevangen in een gespecialiseerd opvangcentrum om pas na meerdere maanden (4 à 6 maanden) door te stromen naar een individuele woning.

De integratiepartners aan zet
Nu ook België er voor kiest om in te stappen in de resettlement van vluchtelingen wordt het hoog tijd dat alle betrokken partners zich terdege voorbereiden en een visie ontwikkelen over de best wenselijke opvang van deze personen binnen België. Net hier wringt het schoentje voor de sector die zal instaan voor de inburgering/integratie van deze vluchtelingen.

In april 2008 sloegen het CGVS en Fedasil de handen reeds in elkaar om pro-actief het thema resettlement in België te behandelen. Aangezien zij op federaal niveau functioneren, is het voor deze organisaties gemakkelijk een algemene aanpak uit te stippelen. Ook de verschillende partners rond integratie waren uitgenodigd voor een reflectie. De diversiteit in aanpak werd hier echter dadelijk duidelijk. Binnen de gemeenschappen en de gewesten zien we namelijk een verschillend beleid rond integratie. In Vlaanderen en voor het Nederlandstalige Brussel geldt het inburgeringsbeleid gevolgd door een integratiebeleid, in Brussel aan Franstalige zijde is het decreet rond sociale cohesie van toepassing en in Wallonië heb je een integratiebeleid. Voor het gemak worden ze hier even integratiepartners genoemd. De complexiteit van de sector heeft er namelijk toe geleid dat er zelfs geen algemene term bestaat om deze sector te benoemen.

Deze integratiepartners staan dus voor de uitdaging om een gemeenschappelijke visie te formuleren op de manier waarop vluchtelingen die via resettlement naar België komen het best geïntegreerd worden. De integratiesector heeft wel degelijk expertise in huis om zich mee te kunnen uitspreken over wat het beste is voor deze vluchtelingen. Naar welk model van opvang willen we? Deze zoals toegepast in het Verenigd Koninkrijk of deze zoals toegepast in Nederland? Het feit dat onze minister voor asiel en migratie door haar Nederlandse collega werd geïntroduceerd in het thema, zou te snel kunnen leiden naar het Nederlandse model zonder de andere mogelijkheden ten gronde onderzocht te hebben.

Op welke manier zorgen we voor een goede afstemming tussen de lessen ‘maatschappelijke oriëntatie’ die reeds in het vluchtelingenkamp werden gegeven met deze die in België zullen aangereikt worden?

De selectie van de doelgroep voor resettlement is gefocusd op de precaire omstandigheden waarin ze leefden. Het gaat dus niet om mensen die hooggeschoold zijn, talig zijn en bijgevolg een economische troef betekenen voor het gastland. Deze mensen zullen dus tijd nodig hebben om op adem te komen, kennis te maken met het gastland om vervolgens stilaan deel te nemen aan het leven binnen die samenleving. Wat zijn de suggesties van de integratiepartners over deze materie?

Een oproep aan het CGKR
Aangezien integratie (inburgering en sociale cohesie incluis) een materie is versnipperd over de gemeenschappen en de gewesten, is het moeilijk om een partner te vinden die iedereen rond tafel kan brengen en een aanzet kan geven tot het uitschrijven van een visie. Vanuit Europa werd het CGKR echter aangeduid als de NCP (the National Contact Point) of dus als de aanspreekpersoon voor integratie in België. Vanuit zijn algemene opdracht rond migratie en integratie is het CGKR daarom de geknipte instantie om de spreekbuis voor de integratiepartners te worden m.b.t. het thema resettlement. Vandaar dat bon het CGKR wil oproepen om hierin initiatief te nemen.

Wilt u reageren op dit artikel? Stuur ons een e-mail naar:
info(at)bonvzw.be